Zo loop je de Quilotoa-loop

Mooie bergen, hoge pieken, bezoek het Andes-gebergte in Ecuador en dit is je niet langer vreemd. Maar wist je dat Ecuador ook beschikt over een helderblauw meer in een vulkanische krater? Dit mooie meer is een highlight (letterlijk!) die je niet mag missen.

Dit artikel verscheen op We Are Travellers.

Het Quilotoa-meer ligt op 3.850 meter hoogte. Je komt hier met een bus vanuit Latacunga of middels een meerdaagse hike langs schattige dorpjes door de bergen. Wij deden dit laatste. Hoewel het nog niet hoog op de go-to-lijst staat, bieden enkele tourorganisaties deze tocht aan voor ruim $500,- per persoon. Onwijs veel geld! Zeker als je bedenkt dat je afhankelijk bent van je éigen benenwagen. In het artikel schrijf ik tips en tricks om deze hike succesvol uit te lopen, zonder hulp van een organisatie.

Hou je van afdalen of klimmen?

De wandeltocht gaat van dorp-naar-dorp. Afhankelijk van het aantal dagen dat je wilt wandelen én je voorliefde voor afdalen of klimmen, stel je je route samen. Let op: waar je ook begint, je krijgt te maken met beide. Echter ligt het Quilotoa-meer op een hoogte die je moet bereiken. Vandaar dat de route die eindigt in Quilotoa vooral bestaat uit klimmen; bij de wandeltocht die start in Quilotoa heeft afdalen de overhand. Voor beide valt te spreken. Zo is het erg belonend om je wandeling te eindigen bij het Quilotoa-meer, maar kan je in het hostel Llullu Llama te Insinlivi jezelf goed verwennen met lekker eten en dobberen in de hottub. De dag van Chugchilan naar Quilotoa is echter zeven uur lang beuken omhoog. Hou hier dus rekening mee!

De dorpen waar je je Quilotoa-loop kunt starten of eindigen

Vergeet daarnaast niet het forse hoogteverschil in Ecuador. Geef jezelf de tijd om te acclimatiseren. Ben je bijvoorbeeld nog maar net in de bergen dan raad ik je aan voor een kortere tocht te gaan. De dorpen vanwaar je kan vertrekken en eindigen zijn:

  • Quilotoa – eindbestemming / startpunt
  • Chugchilán – 1 dag
  • Insinlivi – 2 dagen
  • Sigchos – 3 dagen

Omdat de tocht van Sigchos naar Insinlivi grotendeels langs een geasfalteerde weg is, zijn wij begonnen bij Insinlivi. Onze route zag er dus als volgt uit:

  • Latacunga [bus] > Insinlivi > Chugchilan > Quilotoa [bus] > Latacunga

Overnachten bij Llullu Llama in Insinlivi

Vanaf Latacunga hebben wij de bus gepakt naar het kleine en bovenal schattige dorpje Insinlivi. Alleen de busrit was een waar avontuur. Hobbelend over zandwegen, waarbij we allerlei afgelegen dorpjes aandeden. Voordat je het weet ben je opeens mega gestegen en kijk je uit over het prachtige landschap van Ecuador. Kijk niet gek op als de locals nieuwsgierig naar je zijn, er zijn namelijk zelden toeristen die met hen meereizen de bergen in. Verschillende mensen knoopten met ons een praatje aan en met krakkemikkig Spaans konden we ons enigszins verstaanbaar maken. Behoorlijk wat haarspeldbochten, hobbels en een berg verder kwamen we aan bij Insinlivi.

Het dorp bestaat uit een paar straten, een kerk en een sportveld en is gelegen op de helling van een berg. Met geluk kijk je vanuit je hostel uit over de prachtig groen-gekleurde vallei. Wij hadden een huisje geboekt bij Llullu Llama, een aanrader! Mocht je op budget reizen kan je hier ook een privékamer of slaapzaal boeken. Bij de prijzen zit het driegangen menu en rijkelijke ontbijt inbegrepen. Hoewel er in Insinlivi zelf niet veel te doen is, zijn wij twee nachten in Llullu Llama gebleven. Vanaf het balkon van ons privéhuisje zagen we kleurrijke kolibries komen en gaan, zijn we in de hottub geweest en hielden we ons ‘s avonds warm bij de openhaard.

De échte start van onze wandeling & een overdosis locos perros

De dag erna begonnen we eindelijk aan onze wandeling! Met onze dag-rugzakken, een lunchpakket van Llullu Llama (±$6,- p.p.) en de routebeschrijving van het hostel gingen we op stap. De eerste dag ging ons goed af. We balanceerden over boomstammen om riviertjes over te steken, liepen langs kleine berghuisjes en genoten van de valleien die we passeerden. De grommende en blaffende honden (door de locals ook wel locos perros genoemd) vonden wij iets minder plezierig. Sommige zitten vast aan een touw maar velen, vanwege de normaal gesproken weinige bezoekers, niet. Dit zorgt ervoor dat ze wat territoriaal overkomen.

Lokale bewoners raadden ons aan om op tijd een steen of tak op te rapen en doen alsof je die naar ze gooit. Hier schrikken ze vaak zodanig van dat ze je vaak met rustlaten. Jezelf grootmaken en schreeuwen helpt ook. Na zo’n zes uur kwamen we uiteindelijk aan in Chugchilan. De kinderen kwamen net uit school en liepen in hun schooluniform over de straten, terwijl wij bezweet opzoek waren naar ons hostel genaamd Cloud Forest. We waren blij toen we in onze hangmat neerploften met een welverdiend biertje.

Op zoek naar het Quilotoa lake…

De volgende en laatste dag liepen we van Chugchilan naar Quilotoa. De dag begon goed, vlak na het dorp daal je af tot de rivier in de vallei. Dit moet je ook weer helemaal omhoog, om vervolgens aan de andere kant van de berg weer af te dalen en deze ook weer op te klimmen tot aan het Quilotoa-meer. Een intensieve dag!

Dit komt mede door hoe goed je de instructies opvolgt van de handleiding. Wij zagen bijvoorbeeld een paar mensen net te vroeg of laat afslaan, wat zorgt dat je je benen extra belast. En dat merk je aan het eind van de dag… Wij zijn zelf ook een keer flink omgelopen, we volgden de ‘gewone’ weg terwijl er een kortere route dwars door de bergen ging. Dit heeft ons zo’n twee uur extra wandelen opgeleverd. Als je in één keer goed loopt duurt de wandeling zo’n zes uur.

Hoewel de wandeling pittig is, was het ons dubbel en dwars waard toen we eindelijk op de kraterrand stonden. Kijk je naar links zie je de vallei die je zojuist helemaal hebt doorgestoken, kijk je naar rechts zie je een diepe krater gevuld met een helderblauw meer. Het laatste uur van de tocht loop je op de krater richting het dorp Quilotoa en kijk je vaak regelrecht het meer in. Dit gaat gepaard met steile afgronden. De wind waait hard op de top, dus let op als je over de smalle paadjes wandelt.

Het hele Quilotoa lake rond wandelen of niet?

Wij zijn bij het bereiken van het dorp Quilotoa per bus terug naar Latacunga gegaan. Het is ook mogelijk om nog een nacht in Quilotoa te slapen en de volgende dag het volledige meer rond te wandelen. Dit duurt ongeveer vier uur. Wij vonden het welletjes, zeker toen we hoorden dat het pad langs het meer soms wel erg smal is en de afgronden heel diep.

Tijdens de hele wandeling passeer je enkele dorpjes. Hier kom je vaak enthousiaste maar ook verlegen kinderen tegen. Als je ze beleeft vraagt om een foto te maken, ontdooien de gezichtjes vaak in grote glimlachen. Soms besluiten toeristen om de kinderen snoep of geld te geven. Dit raad ik persoonlijk sterk af. Koop liever iets bij de lokale shops om het dorp alsnog te ondersteunen. Wandelen door de dorpen is nu trouwens nog erg plezierig, mede doordat ze nog niet veel bezocht worden en nog zo authentiek zijn.

12 Tips en tricks voor als je deze loop gaat doen

1. Wees écht voorbereid op een zware wandeltocht.
2. Bespaar geld en boek de wandeling niet met een reisorganisatie.
3. Zorg dat je geacclimatiseerd bent, wandelen naar 3800 meter terwijl je net van de kust komt of net bent geland in Quito maakt het namelijk allemaal extra zwaar. Gun jezelf dus enkele dagen om aan de hoogte te wennen.
4. Drink veel water! Dit helpt tegen hoogteziekte.
5. Neem alleen één dagrugzak mee per persoon en laat je grote rugzak of koffer achter in Latacunga. Wij sliepen in het hostel Tiana waar je voor enkele dollars per dag je tas veilig achter kan laten.
6. Vraag in het hostel Tiana in Latacunga om een handleiding voor de wandeling. Vervolgens ook in je hostel in de dorpjes waar je verblijft. Wij weten dat Llullu Llama en Cloud Forest je hierin goed voorzien. Deze handleidingen heb je namelijk echt nodig om de wandeling goed te kunnen lopen.
7. Boek je accommodatie op tijd! Dit zorgt ervoor dat je niet hoeft te zoeken naar accommodatie.
8. Neem voldoende geld mee. In de kleine dorpjes kan je nergens pinnen. Zorg dus dat je genoeg bij je hebt voor je slaapplaats, eten, vervoer en eventuele drankjes. Aangezien wij een privéhuisje hadden geboekt bij Insinlivi liepen bij ons de kosten iets op, maar doorgaans heb je aan $100,- per persoon voor twee dagen ruimschoots voldoende.
9. Verblijf in Llullu Llama in Insinlivi en zeg hoi tegen Llama Paco en Balou de hond.
10. De wandeling van Sigchos naar Insinlivi en andersom is grotendeels langs een geasfalteerde weg. Omdat onze voorkeur uitgaat naar wandelen in de bergen hebben wij besloten deze dag over te slaan.
11. Ter info: Er is geen wifi in de bergen. Ook niet bij de hostels in de dorpen.
12. Vanaf het dorp Quilotoa gaan er bussen direct naar Latacunga. Negeer dus de taxi-chauffeurs die je proberen te overtuigen dat je eerst naar een ander dorp moet. De bus stopt écht in Quilotoa. Check wel de vertrektijd van de laatste bus bij het busstation van Latacunga.

Wat neem je mee?

Tot slot nog een paklijst voor de liefhebber:

  • Cash geld! (zie tips en tricks)
  • Water, heel veel water. Uiteraard kan je dit weer aanvullen bij de hostels, maar zorg dat je flessen en/of camelbag groot genoeg zijn voor een hele dag wandelen in de (soms) warmte.
  • Snacks voor onderweg. In de hostels waar je onderweg slaapt kun je vaak lunchpakketten scoren, ik raad je aan deze hier ook te kopen.
  • Zonnebrand met een hoge factor. Wij dachten alles goed in te smeren, maar waren één ding vergeten en dat hebben we geweten. Onze handen! Op bijna vierduizend meter hoogte verbrand echt alles.
  • Iets van entertainment: een boek / kaarten. Bij de hostels zelf is namelijk niet veel te doen.
  • Eén setje schone (chill) kleren
  • Thermo-ondergoed
  • Goede wandelsokken en schoenen
  • Slippers
  • Regenjack
  • Dikke trui
  • Toiletspullen (minimaal inpakken)
  • Optioneel: een lakenzak (ik sliep in kleren vanwege de kou dus daarom vond ik het niet echt nodig)

Laat je reactie achter!